Neem vrijblijvend contact op 06 10875975

Bestaande corporatiewoningen van het gas met bodemwarmtepompen
Bas Roestenberg, 01 dec. 2024

Enkele van de woningen in Petten. De individuele bodembronnen zijn aangelegd onder de voortuinen.
Bij renovatieprojecten staan bodemwarmtepompen meestal niet bovenaan de lijst met verduurzamingopties. Bronboringen vormen er een complexe ingreep en zijn een forse kostenpost, is vaak het argument. Bij een project in Petten toonde woningcorporatie Wooncompagnie vorig jaar dat bodemwarmtepompen wel degelijk een haalbare optie zijn om renovatiewoningen gasloos te maken.
Wooncompagnie startte enkele jaren geleden met de verduurzaming van zijn 14.000 woningen. Eerst door losse isolatiemaatregelen te treffen en pv-panelen te plaatsen, en vervolgens met de installatie van al dan niet hybride warmtepompen. Bij dertig jaren ’60-woningen in Petten werd echter de volledige schil inclusief kozijnen en dak in één keer vervangen, zodat ze direct klaar waren voor volledig gasloze verwarming. Daarna besloot de corporatie de woningen te voorzien van individuele gesloten bodembronnen, aangesloten op een WPU water/water-warmtepomp van Itho Daalderop.
Meestal in nieuwbouw
Die techniek lijkt een opmerkelijke keuze, want bodemwarmtepompen worden niet vaak ingezet bij bestaande woningen. Ter illustratie: volgens het CBS werd in 2022 voor 10 procent van alle verkochte bodemwarmtepompen ISDE-subsidie verstrekt. Aangezien ISDE-aanvragen alleen voor bestaande bouw kunnen worden ingediend, is aannemelijk dat de overige 90 procent van deze warmtepompen voor het overgrote deel was bestemd voor nieuwbouw.
‘Hogere investering, lagere TCO’
Volgens Maurits Lagendijk, marketeer Renewables bij Itho Daalderop, zou er veel vaker voor kunnen worden gekozen. “De investeringskosten zijn hoger dan die van lucht/water-warmtepompen, vooral door het boren van de bron”, vertelt hij. “Maar de TCO, dus de totale kosten over de levensduur van de warmtepomp, zijn lager dan die van alternatieven. Vooral dankzij een hoger energetisch rendement, maar ook omdat je geen buitenunit hebt die onderhoud vergt.”
Beperkte impact op stroomnet
Die laatste factor speelde zeker een rol bij het project van Wooncompagnie in Petten. Doordat de woningen dichtbij duingebied staan, zouden buitenunits stuifzand en zout opvangen, wat voor extra slijtage zou zorgen. “En een ander voordeel van bodemenergie is dat het maar een beperkte impact op het stroomnet heeft”, voegt Lagendijk er nog aan toe. “Een lucht/water-warmtepomp heeft bij een buitentemperatuur van -10 °C ruim twee keer zoveel stroom nodig.”

De woningen in Petten (op deze foto op de voorgrond) staan dichtbij duingebied. Buitenunits zouden hier sneller kunnen slijten, door stuifzand en de zoute omgeving.
Inventarisatie van oplossingen
Jos Koks, als eigenaar van KTI Installatietechniek betrokken bij het renovatieproject in Petten, bevestigt dat bodemwarmtepompen op de langere termijn voordeliger kunnen zijn dan lucht/water-warmtepompen. “Dit bleek uit een inventarisatie van verschillende oplossingen die we met een kosten-batenanalyse hebben voorgelegd aan de woningcorporatie.” Een specifiek voordeel van de in Petten toegepaste warmtepompen is volgens hem dat er geen glycol in de bron zit. Dat wordt vaak toegevoegd om te voorkomen dat het bronsysteem invriest.
Viscositeit van glycol
“Dat er geen glycol wordt toegepast, levert ten eerste natuurlijk een besparing op omdat je het niet hoeft aan te schaffen”, aldus Koks. “Daarnaast zorgt het voor een beter rendement van de warmtepomp, wat voor de huurder lagere woonlasten oplevert.” Het betere rendement waar Koks over spreekt, heeft te maken met de viscositeit van glycol. Het maakt het water in de bron stroperig, waardoor de warmtepomp harder moet werken om het door het systeem te pompen, met een lagere COP als gevolg.
Dieper boren
De ‘truc’ waardoor bij de WPU-warmtepomp van Itho Daalderop geen glycol hoeft te worden toegevoegd, is dat er wat dieper dan gebruikelijk wordt geboord, legt Lagendijk uit. “We monitoren al sinds 2002 onze bodemwarmtepompen. Daardoor weten we precies hoe diep er moet worden geboord om de bron ruim boven het vriespunt te houden. Bij de woningen in Petten is op basis van die kennis 180 meter diep geboord. Dieper boren en een hogere brontemperatuur draagt overigens ook weer bij aan een beter rendement.”
Huiverig voor omgespitte tuin
Naast de investering in de bron wordt bij renovatieprojecten de fysieke ingreep als argument genoemd om voor een alternatief te kiezen. Bewoners zijn huiverig dat hun tuin volledig wordt omgespit, of de ruimte voor de boorinstallatie ontbreekt simpelweg. “Soms is het aanbrengen van een bodembron inderdaad niet mogelijk,” stelt Lagendijk. “Maar in veel gevallen is er wel een oplossing te vinden”. Bij het project in Petten werden de bronnen in de voortuinen van de woningen geboord. “Van daaruit is het leidingwerk via een sleuf door de grond naar de woningen geleid. Na afloop van de boorwerkzaamheden zijn de voortuinen hersteld. Er is niks meer van de ingreep te zien.”
Warmtepomp in de berging
Qua ruimtebeslag in de woningen zelf kwam het goed uit dat ze over een inpandige berging met aparte toegang beschikken. “Bij elke woning is de warmtepomp in die berging geïnstalleerd. Doordat het 150 liter grote voorraadvat boven op de warmtepomp kan worden geplaatst, is de footprint beperkt tot 60 bij 60 cm. Het feitelijke ruimtebeslag is dus klein. En doordat de warmtepomp in de berging werd geplaatst, bleef de bouwoverlast voor de bewoners beperkt.”

Doordat het voorraadvat boven op de warmtepomp kon worden geplaatst, heeft de installatie een beperkte footprint.
Nieuw ventilatiesysteem
Dankzij de nieuwe, goed geïsoleerde schil van de woningen waren de bestaande radiatoren ‘overbemeten’ en konden ze gewoon blijven hangen. Om de woningen nog energiezuiniger en comfortabeler te maken, zijn ze van een nieuw ventilatiesysteem voorzien. In de oude situatie werd via raamroosters geventileerd; in combinatie met laagtemperatuurverwarming zou daarmee veel koude lucht naar binnen komen. Om dat te voorkomen, is wtw-ventilatie – eveneens van Itho Daalderop – geplaatst.
“Wereld te winnen”
Inmiddels zijn de woningen in Petten ruim een jaar van het gas en kijkt Itho Daalderop naar eigen zeggen terug op een ‘succesvol en makkelijk’ project. Lagendijk: “We werken samen met alle grote bouwbedrijven en leveren meer dan de helft van alle bodemenergiesystemen in de nieuwbouw. Maar in de bestaande bouw is nog een wereld te winnen. De voordelen van bodemenergie zijn daar nog steeds onderbelicht. We zijn dus blij dat KTI Installatietechniek en Wooncompagnie er bij dit project voor hebben gekozen.” Lagendijk roept installateurs op om bij projecten altijd de stap naar bodemenergie te overwegen. “We ondersteunen ze graag, in het hele proces. Van acquisitie, het maken van berekeningen en het opstellen van de business case, tot bewonerscommunicatie met uitleg over de techniek.”
Enorme labelstap
Met de ingreep in Petten hebben de dertig woningen een enorme labelstap gezet, van gemiddeld E naar A+++ of A++++. In hoeverre de woningen in combinatie met de pv-panelen energieneutraal zijn geworden, is nog niet duidelijk. De bewoners zijn in ieder geval enthousiast over het eindresultaat, stelt Lagendijk. “Ze geven aan dat het wooncomfort er enorm op vooruit is gegaan en hun maandelijkse energierekening fors is gedaald. Die bewonerservaring was voor Wooncompagnie een van de belangrijke graadmeters voor het succes van dit project.”
